Home > Jurisprudentie > Alcoholgebruik grond voor ontslag

Alcoholgebruik grond voor ontslag

31-10-2016

drinkanddrive_62570209

De gedragscode van een Stichting voor specialistische jeugd- en opvoedhulp stelt duidelijk dat alcoholgebruik, drugs en gokken tijdens het werk taboe zijn. Geldt dit ook tijdens een uitstapje?

Een pedagogisch medewerkster heeft tijdens een uitstapje een busje bestuurd terwijl zij alcohol had gedronken. Haar werkgever ziet hierin aanleiding voor een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

Alcohol, drugs en gokken tijdens werk taboe

De medewerkster werkt sinds december 1999 bij een Stichting die specialistische jeugd- en opvoedhulp biedt. De doelgroep bestaat uit kinderen, jongeren en hun ouders. Het betreft ambulante hulp, dagbehandeling en 24-uurszorg, en crisisopvang. De werkneemster zorgt onder meer voor een verantwoord leefklimaat in een gezinshuis. In de gedragscode van de Stichting staat duidelijk dat alcoholgebruik, drugs en gokken tijdens het werk niet zijn toegestaan. Dat geldt ook tijdens uitstapjes, om een onduidelijke signaal naar de cliënten te voorkomen.

Verwijtbaar handelen is grond ontbinding

De kantonrechter stelt voorop dat de arbeidsovereenkomst alleen kan worden ontbonden als daar een redelijke grond voor is. Die grond geeft artikel 7:669 lid 3 BW en is gelegen in het verwijtbaar handelen van de werkneemster. Die heeft, naast ander niet meer relevant verweer, aangevoerd dat de uitslag van de blaastest na haar vermeende alcoholgebruik niet juist kan zijn. Maar dat heeft zij op geen enkele manier onderbouwd en pas tijdens de zitting voor het eerst naar voren gebracht. Na de bewuste avond zijn met de werkgever twee gesprekken gevoerd en daarin heeft zij hier niet over gerept. De rechter gaat er derhalve vanuit dat de uitkomst van de blaastest correct was.

Ontoelaatbaar gedrag tijdens werktijd

De werkneemster wist goed dat onder invloed verkeren met een dergelijk promillage tijdens werktijd gold als ontoelaatbaar gedrag. Dat gedrag kan dan ook worden aangemerkt als verwijtbaar handelen. Het besturen van een busje na alcoholgebruik is in strijd met de wet. Gezien de gemeten concentratie om 21.00 uur kan worden aangenomen dat zij heeft gedronken tijdens haar dienst. Daarmee heeft zij de gedragscode overtreden. Dat niemand haar heeft zien drinken, maakt dit niet anders. Wegens de ernst van de gedraging kan van de Stichting niet worden verlangd de werkrelatie te laten voortduren. Herplaatsing is evenmin aan de orde. De kantonrechter ontbindt de arbeidsovereenkomst zonder vergoeding met ingang van 29 september 2016.

 

Bron: Kantonrechter Rotterdam, 26 september 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:7329
Auteur: Rob Poort | Bureaupoort.nl

> TIP: Bijblijven met jurisprudentie en de gewijzigde Arbowet? Kom naar de Arbo Actualiteitendag op 17 november 2016.

image_pdf

Deel dit bericht via: