Home > Duurzame inzetbaarheid > Alcoholgebruik zorgt voor problemen

Alcoholgebruik zorgt voor problemen

13-02-2017

drank_op_het_werk_565724959

Alcoholgebruik op het werk is een groot probleem. Maar wanneer is er sprake van ernstig verwijtbaar gedrag? Eén ding is zeker: een simpele ontkenning te hebben gedronken, volstaat niet.

Een 34-jarige man werkt sinds september 2010 met enkele onderbrekingen als monteur bij een kleine onderneming in de utiliteitsbouw. Hij heeft meerdere malen een waarschuwing gehad voor het verschijnen op zijn werk met alcohol op.

Op 13 juni 2016 komt hij zonder enige mededeling niet opdagen. Hij is onbereikbaar voor de werkgever en wordt op staande voet ontslagen. De werknemer gaat bij de kantonrechter in beroep tegen het ontslag en maakt aanspraak op de wettelijke transitievergoeding (art. 6:673 BW).

Beroep tegen ontslag te laat

De kantonrechter stelt vast dat het verzoek tot vernietiging van het ontslag op staande voet niet tijdig is ingediend. Dat moet binnen twee maanden en die tijd is verstreken (art. 7:686a BW). Daarmee is door het ontslag de arbeidsovereenkomst op 13 juni 2016 beëindigd. Het verzoek voor de transitievergoeding is wel tijdig ingediend – binnen drie maanden na de ontslagdatum. Een dergelijke vergoeding is echter niet verschuldigd als de beëindiging van de arbeidsovereenkomst het gevolg is van ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer, waardoor hij het vertrouwen van de werkgever onwaardig wordt (art. 7:673 BW).

Ontkennen alleen niet genoeg

Bijvoorbeeld door diefstal of het herhaaldelijk niet naleven van controlevoorschriften bij ziekte. Of door weg te blijven van het werk zonder reden of berichtgeving. De werknemer stelt dat hij niet ernstig verwijtbaar heeft gehandeld en er geen sprake was van alcoholgebruik tijdens werktijd. Maar die enkele ontkenning acht de rechter niet genoeg. De werknemer had op zijn minst kunnen toelichten hoe dit valt te rijmen met het ontslag op staande voet. En met de verklaringen van de werkgever en diverse anderen. Uit die verklaringen blijkt dat de werknemer diverse malen – ook tijdens zakelijk verkeer – alcohol had genuttigd.

Verklaringen voldoende feitelijk

De echtgenote van de directeur heeft verklaard dat de werknemer vaak niet helemaal nuchter op het werk verscheen. Collega’s wisten van het alcoholprobleem van de werknemer. Er werd veel over gepraat, maar niemand durfde hem of de baas daarop aan te spreken. De werknemer heeft de verklaringen ongeloofwaardig genoemd, want afkomstig van verwanten. Maar de rechter acht de verklaringen voldoende feitelijk en gedetailleerd. Bovendien ondersteunen zij elkaar op relevante punten. De werknemer heeft niet aangetoond dat hij niet ernstig verwijtbaar heeft gehandeld. Daarom kan hij geen aanspraak maken op de transitievergoeding. Het verzoek daartoe wordt afgewezen.

 

Bron: Kantonrechter Maastricht, 2 januari 2017, ECLI:NL:RBLIM:2017:16
Auteur: Rob Poort | Bureaupoort.nl

> Niet verwijtbaar gedrag: bijblijven met jurisprudentie en de gewijzigde Arbowet. Hoe? Kom naar de Arbo Actualiteitendag.

image_pdf

Deel dit bericht via:


  • YouTube

Reageer

Uw emailadres wordt niet gepubliceerd, velden met een * zijn verplicht.

*

Neem onderstaande anti-spam code over: