Home > Arbowet > Boete te hoog of boete te laag?

Boete te hoog of boete te laag?

05-02-2018

omlaag_omhoog_201919963

Don’t push your luck. Dat blijkt als een werkgever in beroep gaat tegen een boete na een ongeval met een heftruck.

De werkgever vindt de boete ook na matiging te hoog. De minister van SZW vindt de boetematiging onterecht en de boete dus te laag. Wie wint?

In september 2014 verplaatsen twee medewerkers van een bedrijf een bijna 6 meter lange machine van een aanhangwagen naar een loods.

Werknemers verplaatsen machine los op heftruck

Ze zetten de samengestelde machine dwars op de lepels van een heftruck. De machine staat niet vast en steekt aan elke kant zo’n 2,4 meter uit. Tijdens het verplaatsen loopt een werknemer mee met de heftruck. Een als zzp’er ingehuurde ingenieur zit achter het stuur. Bij de ingang van de loods dreigt de machine te kantelen. Als de meelopende werknemer dit wil voorkomen, kantelt de machine en breekt hij zijn been.

De minister van SZW legt een boete op van 18.000 euro wegens overtreding van art. 3.17 Arbowet. In beroep van de werkgever vermindert de rechtbank de boete met 50%. De minister en de werkgever gaan in hoger beroep.

Werkgever vindt boete te hoog, minister vindt die te laag

Volgens de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft wijziging van de grondslag van de boetebeschikking (van art. 3.17 naar art. 7.4, derde lid Arbobesluit) de werkgever niet benadeeld. Ook het betoog dat de veroorzaker van het ongeval een zzp’er was, vindt geen genade. De zzp’er werkte onder gezag, de heftruck was eigendom van het bedrijf en beide mannen hadden opdracht de machine op te halen.

De minister vindt dat de rechtbank ten onrechte de boete heeft gematigd. De werkgever vindt juist dat er te weinig rekening is gehouden met de inspanningen die hij zich zou hebben getroost om het ongeval te voorkomen.

Niet voldaan aan matigingsgrond: veilige werkwijze ontbreekt

Volgens de Afdeling blijkt uit de RI&E niet voldoende dat de werkgever de risico’s van deze werkzaamheden had geïnventariseerd. Er was geen sprake van een veilige werkwijze. Er waren wel middelen aanwezig om verschuiven van de last te voorkomen, maar die waren niet ter beschikking gesteld. Daarmee is niet voldaan aan de matigingsgrond dat de noodzakelijke randvoorwaarden zijn gecreëerd voor toepassing van een veilige werkwijze. De minister heeft daarom terecht de boete op grond van artikel 1, elfde lid Beleidsregel boeteoplegging niet gematigd.

> LEES OOK: Dit zijn de boetes bij de nieuwe Arbowet

Ook na het ongeval is instructie in brochure onvoldoende

Ná de overtreding gedane inspanningen kunnen een rol spelen bij het oordeel of de boete, gelet op de omstandigheden, evenredig is. In een na het ongeval uitgereikte brochure over veilig gebruik van een vorkheftruck staat: “Zet de lading vast als de kans bestaat dat deze tijdens de rit kantelt”. Er staat echter niets over het gebruik van antislipstroken of een hijs-hulpstuk.

> LEES OOK: Zo werkt u veilig met heftrucks

Het hoger beroep van de werkgever is ongegrond en het beroep van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid gegrond. De oorspronkelijk opgelegde boete van 18.000 euro blijft daarmee in stand. De werkgever is terug bij af.

 

Bron: Raad van State, afd. bestuursrechtspraak, 29 november 2017, ECLI:NL:RVS:2017:3266
Auteur: Rob Poort | Bureaupoort.nl

> Tip: bijblijven met jurisprudentie en de Arbowet? Kom naar de Arbo Actualiteitendag.

image_pdf

Deel dit bericht via:


    Reageer

    Uw emailadres wordt niet gepubliceerd, velden met een * zijn verplicht.

    *

    Neem onderstaande anti-spam code over: