Home > Duurzame inzetbaarheid > Burn-out door hoge werkdruk

Burn-out door hoge werkdruk

12-04-2011

Een thans 51-jarige vrouw komt in juli 1993 bij een vuilverwerker in dienst als planner. Vanaf juli 1996 wordt zij hoofd operationele zaken en vanaf  januari 1999 wordt zij PeKAM-functionaris (personeelszaken, kwaliteit, arbeidsomstandigheden en milieu). In juni 1999 wordt zij ziek en in augustus 1999 stelt de bedrijfsarts vast dat het om burn-out gaat. De vrouw krijgt vanaf juni 2000 een volledige WAO-uitkering.

De arbeidsovereenkomst wordt in mei 2010 opgezegd. De vrouw stelt dat zij haar burn-out heeft opgelopen door een te hoge werkdruk en stelt de werkgever daarvoor aansprakelijk.

De kantonrechter neemt het causaal verband tussen de werkzaamheden en de burn-out aan, maar de vordering tot schadevergoeding wijst hij af, omdat de werkgever wel aan zijn zorgplicht heeft voldaan. Zowel de vrouw als de werkgever gaan tegen deze uitspraak in beroep.

 

De werkgever voert aan dat de kantonrechter ten onrechte een causaal verband heeft aangenomen. Maar het hof verwerpt dit omdat uit de (getuigen)verklaringen duidelijk wordt dat de burnout-klachten door het werk zijn veroorzaakt. Het werk dat de vrouw deed, kon niet in 40 uur per week worden uitgevoerd. Een van de getuigen heeft zelfs bevestigd dat de vrouw 60 uur per week werkte. De werkgever voert aan dat de vrouw moeite had met nee zeggen, altijd hard werkte, alles goed wilde doen, graag gewaardeerd wilde worden, plichtgetrouw was en alles graag zelf wilde doen.

 

Maar het hof acht het feit dat de persoonskenmerken van de vrouw belangrijke risicofactoren waren, geen afbreuk doet aan het gegeven dat de klachten door haar werksituatie zijn veroorzaakt. Met betrekking tot de zorgplicht overweegt het hof dat de werkgever niet heeft aangetoond dat de werkzaamheden van de vrouw, waaronder de extra taken waarmee zij in 1997 en 1998 was belast, in beginsel in gemiddeld 40 uur per week konden worden uitgevoerd.

 

Gelet op de afgelegde verklaringen wist de werkgever, of had hij moeten weten, dat de vrouw veel overuren maakte. Dat de vrouw zelf niet liet blijken dat zij het werk (eigenlijk) niet aankon en daarover niet heeft geklaagd, ontslaat de werkgever niet om uit eigen beweging na te gaan of en in welke mate de vrouw aan het werk was, of ze pauzes nam en werk mee naar huis. Dit temeer omdat de werkgever op de hoogte was van haar persoonskenmerken. De vrouw heeft in de eerste periode van haar arbeidsongeschiktheid zelfs thuis nog werk gedaan.

 

Een en ander betekent dat de werkgever tekortgeschoten is in zijn zorgplicht. Voor zover de schade als gevolg van de burn-out mede is veroorzaakt door het gedrag van de vrouw, kan dat aan de orde komen in de schadestaatprocedure.

 

 

Voor u geselecteerd: Summercourse Duurzame inzetbaarheid 

 

De blijvende inzetbaarheid van uw medewerkers zal voor u de komende jaren een belangrijk thema zijn. Een krappe arbeidsmarkt, de grote (inter)nationale concurrentie, ontgroening en vergrijzing en technologische ontwikkelingen dwingen u om aan de slag te gaan met duurzame inzetbaarheid. Hoe houdt u uw medewerkers productief, gemotiveerd en gezond?  

meer informatie

 

image_pdf

Deel dit bericht via: