Home > Bedrijfshulpverlening (BHV) > BZB, BHV, BNO: Nood én Deugd?

BZB, BHV, BNO: Nood én Deugd?

03-07-2012

Arthur-MacGillavry-nieuw-verkleind
Toen ik in 1972 ging werken voor het toenmalige Staatsbedrijf der PTT hadden ze daar een BZB: Bedrijfszelfbescherming.

Naast taken die de BHV nu ook nog heeft, zoals EHBO en het in eerste lijn bestrijden van calamiteiten’, moest de BZB ook het bedrijf zo nodig kunnen beschermen tegen ongewenste agressie en de gevolgen van oorlog, waaronder een aanval met ABC-wapens (Atomair, Biologisch en Chemisch). De vraag was toen aan de orde of BZB'ers ook over een vuurwapen moesten kunnen beschikken. Uiteindelijk werd besloten om dit niet te doen omdat ze dan door de vijand mogelijk als ‘Franc-Tireur’ ter dood konden worden gebracht. Let wel, dit was zevenentwintig jaar na de Tweede Wereldoorlog, maar wel in de tijd van de Koude Oorlog inclusief nucleaire dreiging en ondergrondse communicatiebunkers met muren van 3 meter dik! (Ik vraag me af wat daarvan geworden is.)

Die tijd is voorbij. De taak van de BHV is in de wet gekoppeld aan ultieme bedrijfsrisico's, maar ik ga er vanuit dat geen enkele BHV'er in Nederland een vuurwapen draagt. De relatie tussen het bedrijf en de BHV'er is er echter niet minder gecompliceerd door geworden. Natuurlijk zal elke weldenkende manager het nut van de bedrijfshulpverlening erkennen, van Eerste Hulp tot ontruiming en eerstelijns brandbestrijding. Maar de medewerkers die er aan deelnemen worden vaak moeilijk gemist in het productieproces, als ze weer eens zo nodig een vervolgopleiding moeten doen of een oefening hebben. En ontruimingsoefeningen worden doorgaans met ongenoegen begroet.

Opeens wordt dan het goed geoliede bedrijf overgenomen door mannen in felgekleurde vesten en  slecht passende helmen. De onaanzienlijke medewerker van de onderhoudsdienst begint dan ineens bazig commando's te roepen en dure managers worden beleefd doch vastberaden uit hun vergadering verdreven. Ongenoegen alom als het hele bedrijf hartje winter staat te kleumen bij het verzamelpunt. Daarnaast staat het ook wel wat koddig als een stelletje volwassen mannen gebukt in vol brandweerornaat stapje voor stapje langs een gangmuur schuifelen onder het uitroepen van onbegrijpelijke kreten, alsof ze de hoofdrol in ‘Towering Inferno’ spelen.

Ook de rechtspositie van de BHV'er en de manier waarop het bedrijf omgaat met de extra risico's die ze lopen, zowel fysiek als mentaal, vormen een probleem dat nog niet overal goed is opgelost. Hoe ga je als bedrijf om met een medewerker die tijdens de uitoefening van zijn BHV-taak invalide is geraakt? En wat als hij een fatale fout heeft gemaakt tijdens de EHBO of tevergeefs een slachtoffer heeft geprobeerd te reanimeren? Het is niet voor niets dat bij een mij bekende landelijke organisatie het deel van de sectorale arbocatalogus dat over BHV gaat, niet door de vakbonden is geaccordeerd, omdat daarin onvoldoende aandacht wordt besteed aan dit soort vragen.

O ja, en binnenkort gaan we het hebben over BNO: Bedrijfsnoodorganisatie. Een ander ding of alleen een andere naam?

Arthur Mac Gillavry, halfzelfstandig publicist

image_pdf

Deel dit bericht via: