Nieuw
Home > Jurisprudentie > Chef uitgemaakt voor ‘fucking hoer’

Chef uitgemaakt voor ‘fucking hoer’

13-02-2012

Een 35-jarige man, die sinds 2001 als expeditiemedewerker bij een bedrijf werkt, wordt op 19 mei 2011 op staande voet ontslagen. Enkele dagen eerder, op een zondagavond, was hij door zijn teamleidster terechtgewezen wegens kletsen onder werktijd.

Ook zou hij, zonder dat hij pauze had, geruime tijd in de kantine hebben gezeten. Hij heeft daarop furieus gereageerd, zei dat hij niets met haar te maken had en noemde haar onder meer een ‘fucking hoer’.

 

Omdat nergens uit blijkt dat de teamleidster de man incorrect zou hebben behandeld, acht de werkgever de reactie van de werknemer een dringende reden voor ontslag op staande voet. De man maakt bezwaar en in deze procedure verzoekt de werkgever ontbinding van de arbeidsovereenkomst, mits die nog zou bestaan.

 

De rechter overweegt dat de werknemer heeft geweigerd redelijke instructies van zijn leidinggevende op te volgen en haar daarop heeft uitgescholden. Dat levert in beginsel een dringende reden op voor ontslag op staande voet. Maar dat is in deze procedure niet ter beoordeling: daarvoor is nader onderzoek van de feiten nodig en dat zal in een bodemprocedure worden gedaan.

 

Dat er sprake is geweest van een dringende reden staat daarom thans nog niet vast. En het verzoek, voor zover dat is gebaseerd op die dringende reden, wordt dan ook afgewezen.

Maar de rechter is wel van oordeel dat de verhouding tussen de man en de teamleidster dermate verstoord is dat een vruchtbare voortzetting van het dienstverband niet meer mogelijk is. Beide partijen geven een fundamenteel andere lezing van het gebeurde en betichten elkaar van het afleggen van valse verklaringen.

 

Hoewel de werknemer niet dagelijks onder leiding en toezicht van de teamleidster staat, komen zij elkaar wel dagelijks tegen. Het dienstverband wordt dan ook per 1 november 2011 ontbonden. Omdat nog niet precies vaststaat wat er is gebeurd, krijgt de werknemer wel een vergoeding. De ontbinding ligt voor een deel in de risicosfeer van de werknemer en daarom hanteert de rechter de factor C = 0,5 in de kantonrechtersformule.

 

Wilt u meer jurisprudentie? Lees Vakblad Arbo>>

image_pdf

Deel dit bericht via:


YouTube