Home > Persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) > Circulair ondernemen: kansen en valkuilen

Circulair ondernemen: kansen en valkuilen

20-11-2017

circulair ondernemen_textiel_HAVEPbanner--csr-2_14 (1)

Circulair ondernemen heeft de toekomst. Voordat de Nederlandse economie circulair is, zijn er echter nog wel wat obstakels te overwinnen. In het geval van bedrijfstextiel bemoeilijkt een aantal factoren circulair werken. Gelukkig zijn er ook lichtpuntjes.

Lichtpuntjes als de ontwikkeling van nieuwe duurzame materialen als Lyocell en SaXcell. En aan creatieve manieren om snijafval te hergebruiken. Deze innovaties bewijzen dat we de textielindustrie echt kunnen veranderen door samen te werken.

Circulair ondernemen is veel meer dan kiezen voor een duurzame doeksoort. De hele kledingketen speelt een rol, van ontwerper tot eindgebruiker. Om aan te geven hoe complex de situatie is, analyseren we eerst de problemen op de verschillende niveaus. Daarna kijken we naar enkele veelbelovende oplossingen.

Ontwerpniveau: materialen slim en efficiënt gebruiken

Bij het ontwerpen van werkkleding moeten we vanaf het begin rekening houden met een aantal zaken om ervoor te zorgen dat een kledingstuk circulair is. Materialen moeten efficiënt en slim worden gebruikt, zodat er zo min mogelijk restafval is. Daarnaast moeten de gekozen materialen de milieu-impact bij de gebruiker reduceren en de levensduur optimaliseren. Geen eenvoudig opgave.
Zo lijkt duurzaam katoen bijvoorbeeld een goede keuze voor circulaire werkkleding. Maar dit materiaal leidt tot een veel hogere energie- en waterconsumptie bij wasserijen dan werkkleding met een groter aandeel synthetische vezels. Ook is biologisch katoen eerder end-of-life dan materialen als polyester. In dat opzicht is katoen dus geen duurzame keuze.

Ook moeten we al in de ontwerpfase nadenken over de end-of-life-fase. De werkkleding moet na gebruik eenvoudig te ontmantelen, identificeren, biodegraderen of recyclen zijn. Daarnaast moeten designers de functievervulling van het kledingstuk optimaliseren. En duurzame materialen selecteren die bij de functie-eisen passen. Dit zorgt vaak voor een spanningsveld: biologische katoen is bijvoorbeeld een duurzaam materiaal, maar katoengaren is niet sterk genoeg voor werkkleding. Een alternatief als polyester stikgaren is wel sterk genoeg, maar zorgt weer voor problemen bij de recycling.

Gebruikersniveau: verantwoordelijkheid ook bij eindgebruiker

Een groot deel van de verantwoordelijkheid voor circulair ondernemen ligt ook bij de eindgebruiker. Want die moet er uiteindelijk voor zorgen dat afgedankte werkkleding wordt ingezameld en dat het te hergebruiken/recyclen is. Binnen Europa circuleert jaarlijks 8 miljard kilogram textielafval. Slechts 2 miljard daarvan wordt ingezameld, 20 procent wordt beschouwd als onbruikbaar restafval. Daarom is het belangrijk dat we textielafval consequent inzamelen. En dat we nadenken over oplossingen om ook het restafval in de circulaire productieketen op te nemen.

Door stil te staan bij deze verschillende niveaus binnen het circulaire proces, komt een economie die volledig circulair is steeds dichterbij. In de textielindustrie zelf komt er gelukkig steeds meer ruimte voor vernieuwingen en andersdenkenden. Innovaties en ontwikkeling van nieuwe technologieën en materialen, zoals Lycocell en SaXcell, geven hoop. Hopelijk inspireren zulke ontwikkelingen weer andere bedrijven of personen om mee te stappen in dit spannende verhaal.

Voordelen SaXcell ten opzichte van gerecyclede vezels

Zoals gezegd is SaXcell een van de veelbelovende innovaties van het moment. Dit nieuwe materiaal vormt de brug tussen afval en grondstof. SaXcell werd ontwikkeld door Saxion Hogescholen en is de eerste 100% chemisch geregenereerde cellulosevezel gemaakt uit afvalkatoen. De SaXcell-vezel past naadloos binnen de bestaande productieketens en is daarmee is een belangrijke schakel in de opbouw van een gesloten, circulaire keten.

De nieuwe SaXcell-vezel heeft volgens dr. ir. Gerrit Bouwhuis, een van de uitvinders, een aantal belangrijke voordelen ten opzichte van gerecyclede vezels. Van deze voordelen profiteren niet alleen de gebruikers, maar ook de producenten:

  • Mechanische slijtage tijdens de verwerking is niet aan de orde, want de vezel wordt opgelost en vervolgens natgespoten.
  • Na het natspinnen, wat een filament oplevert, worden de vezels gehakt. De hak- of snijlengte wordt ingesteld op de wens van de afnemer.
  • De SaXcell-vezel is sterker dan de oorspronkelijke grondstof katoen en ook sterker dan de vergelijkbare geregenereerde vezels viscose en Lyocell. De extra sterkte draagt bij aan een langere levensduur van het product.
  • De SaXcell-vezel is te produceren op bestaande natspininstallaties, zonder aanpassingen en investeringen.
  • De kleurefficiency van de SaXcell-vezel is 30 tot 50 procent hoger dan die van katoen. Dit levert een belangrijke bijdrage aan de reductie van de milieu-impact van textiel.
  • De SaXcell-vezels zijn zonder aanpassingen op bestaande productie-apparatuur (spinnen, weven breien, veredelen) te verwerken en laten goede tot zeer goede loopeigenschappen zien.
  • Bij de productie van SaXcell-vezels is minder water nodig dan bij concurrerende producten.
  • De tijdens het productieproces gebruikte chemicaliën zijn toegestaan volgens de Europese REACH-richtlijnen.

Bewuster omspringen met goed bruikbaar snijafval

Een ander inspirerend initiatief om het afval in de textielindustrie te beperken, is bewuster omspringen met snijafval.Vaak is dit snijafval nog zeer goed bruikbaar voor nieuwe ontwerpen. Zo zien we interessante projecten binnen de werkkledingindustrie waarbij men snijafval combineert met nieuw materiaal om nieuwe producten te maken. Het gebruik van gerecycled snijafval levert een grote besparing op van water en energie, zonder dat de gebruiker hoeft in te boeten op kwaliteit of comfort.

Een goed voorbeeld van zo’n combinatie van snijafval en nieuw materaal is de Attitude jeans van het Nederlandse werk- en veiligheidskledingmerk HAVEP. Dit breidde de werkkledingcollectie onlangs uit met een jeans die voor 66 procent is gemaakt van snijafval. Door het gebruik van pre-consumer snijafval is de kwaliteit van het katoen net zo goed als dat van nieuwe katoen. Toch levert de productie ervan voor de jeans een besparing op van 8,35 kWh en 4600 liter water per kilo doek.

Ondanks dat er nog veel stappen zijn te zetten voordat de textielindustrie volledig circulair zal zijn, is optimisme over de toekomst gepast. Zolang ontwerpers, merken, ontwikkelaars, visionairs, producenten, retailers, verkooporganisaties en gebruikers samenwerken en de ontwikkeling van nieuwe technieken en materialen als SaXcell stimuleren, ziet de toekomst er zonnig uit.

Marte Westdijk | copywriter voor verschillende bedrijven, waaronder werk- en veiligheidskledingmerk HAVEP

Info: www.havep.nl

Bronnen:
– OVAM, Eindrapport TWOL bedrijfstextiel, 2017.
– OVAM, Circulair bedrijfstextiel. Een praktische gids, Mechelen 2017.
– Thijs Klaverstijn, Internationale doorbraak lonkt voor revolutionaire SaXcell, 2015.
image_pdf

Deel dit bericht via:


    Reageer

    Uw emailadres wordt niet gepubliceerd, velden met een * zijn verplicht.

    *

    Neem onderstaande anti-spam code over: