Home > Arbowet > RvS-advies verdragen over beroepsrisico’s

RvS-advies verdragen over beroepsrisico’s

03-02-2017

stil_114021253

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over het wetsvoorstel over stilzwijgende goedkeuring van drie verdragen over beroepsrisico’s van de Internationale Arbeidsconferentie.

De drie verdragen beogen beroepsrisico’s tegen te gaan door luchtverontreiniging, lawaai, trillingen, het werken met kankerverwekkende stoffen en het werken met chemische stoffen.

Het wetsvoorstel is op 31 januari 2017 bij de Tweede Kamer ingediend. Daarmee is ook het advies van de Afdeling advisering openbaar geworden.

‘Een ieder verbindende bepalingen’

In de toelichtende nota stelt de regering dat de verdragen geen ‘een ieder verbindende bepalingen’ bevatten. De Afdeling advisering merkt daarover op dat het niet valt uit te sluiten dat de rechter hierover anders zal oordelen. En dat evenmin valt uit te sluiten dat de rechter op grond van een verdragsconforme wetsuitleg tot een andere uitkomst komt dan de wetgever voor ogen heeft gestaan. Dit doordat hij uit de bepalingen een verplichting afleidt voor de staat om handelend op te treden.

Voor Nederland en Caribisch Nederland

Wanneer het parlement zijn goedkeuring heeft verleend, kan de regering de verdragen bekrachtigen. Als dit gebeurt, constateert de Afdeling advisering dat zij niet alleen voor Nederland gaan gelden, maar ook voor Caribisch Nederland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba). In de toelichtende nota merkt de regering op dat de wetgeving in Caribisch Nederland niet voldoet aan de verdragen. Het bevreemdt de Afdeling advisering dat de regering aangeeft dit te zullen analyseren en de wetgeving te ‘repareren’, maar in het midden laat wanneer zij dit denkt te gaan doen. En wat de omvang zal zijn van de benodigde aanpassingen en aanvullingen. De Afdeling advisering dringt daarom aan op verduidelijking op dit vlak.

Over medisch-diagnostisch onderzoek

Tot slot maakt de Afdeling advisering een opmerking over medisch-diagnostisch onderzoek bij ex-werknemers naar aanleiding van gezondheidsklachten, waar die vermoedelijk te maken hebben met een beroepsziekte die is ontstaan tijdens het eerdere dienstverband. Op grond van het verdrag inzake beroepskanker zijn lidstaten gehouden om ervoor te zorgen dat werknemers gebruik kunnen maken van een adequaat medisch toezicht op hun gezondheid. Dit zowel tijdens als na afloop van hun arbeidsovereenkomst. Volgens de regering maken alle ingezetenen, ook (ex-)werknemers, aanspraak op medisch diagnostisch onderzoek door een huisarts of specialist en zo nodig medische behandeling. De noodzaak voor extra wettelijke voorschriften zou daarom ontbreken.

Verduidelijking in toelichtende nota

De Afdeling wijst er in dit verband op dat deze aanspraak op medisch diagnostisch onderzoek voor (ex-)werknemers niet bestaat op grond van de Arbowetgeving, maar voortvloeit uit de (verplichte) zorgverzekering. Het verdragsartikel beoogt echter een relatie te leggen tussen de medische zorg en de blootstelling aan gevaarlijke stoffen, alsmede de beroepsrisico’s. Daarnaast komt de zorgverzekering voor eigen rekening van de voormalige werknemer, met inbegrip van het eigen risico. Daarom adviseert de Afdeling in de toelichtende nota te verduidelijken dat de Nederlandse wetgeving voldoet aan de verdragsverplichtingen.

> Lees het volledige advies van de Afdeling advisering en het rapport van de minister.

 

> Praktische aanpakken en maatregelen voor ziekten door werk? U vindt het in het boek ‘Beroepsziekten voorkomen’.

image_pdf

Deel dit bericht via: