Home > Arbowet > Wat is een goede bronaanpak bij CMR-stoffen?

Wat is een goede bronaanpak bij CMR-stoffen?

18-10-2017

gevaarlijke stoffen_209826265

Kwartsstof, benzeen, chroom-6. Het zijn enkele voorbeelden uit een lange lijst met CMR- stoffen: stoffen die carcinogeen zijn, mutageen of reprotoxisch. Hoe kan een werkgever hier veilig mee werken?

‘Dat doen wij altijd al zo.’ Het is een reactie die Diana Martens vaak heeft gehoord in de tijd dat ze nog inspecteur was bij de Arbeidsinspectie. “Ik was een keer op bezoek bij een onderhoudsbedrijf. Daar waren medewerkers bezig met het vervangen van de beschermende laag op lantaarnpalen. Het vervelende is dat als je die laag eraf schuurt, er een kankerverwekkende stof vrij komt: chroom-6. Een potentieel gevaarlijke situatie dus, maar de werkgever had de risico’s nooit geïnventariseerd. Toen ik hem ernaar vroeg, kreeg ik een heel verbaasde blik, en de reactie: ‘Zo werken we altijd al.’”

80% werkgevers heeft geen goede RIE op CMR-stoffen

Martens is nu projectleider gevaarlijke stoffen bij de Inspectie SZW en weet dat bovenstaand verhaal geen uitzondering vormt. Volgens haar heeft zo’n 80 procent van de werkgevers die werken met CMR-stoffen, de risico’s niet goed geïnventariseerd. Het gaat daarbij voornamelijk om kleinere bedrijven. “Bij de grotere lopen vaak deskundigen rond. Als je daar al gebreken vindt, zijn ze meestal minder ernstig. Hoogstens is de inventarisatie niet compleet of nog niet helemaal afgerond. De kleinere werkgevers hebben vaak alleen een digitale vragenlijst ingevuld als RI&E. Zij realiseren zich niet dat dat ook moet leiden tot een plan van aanpak. Of ze zijn zich überhaupt niet van de risico’s en verplichtingen bewust. Als je ernaar vraagt, krijg je die verbaasde blik.”

Kleinere werkgevers realiseren zich niet dat een RI&E moet leiden tot een plan van aanpak

Aan alle verplichtingen voldoen niet eenvoudig: 4 stappen

Martens geeft het toe: aan alle verplichtingen voldoen is ook niet eenvoudig. “Een werkgever moet vier stappen doorlopen. Welke stoffen gebruik ik? Hoelang en hoe vaak wordt een gemiddelde medewerker hieraan blootgesteld? Welke maatregelen kan ik nemen? En welke instructie moet ik geven? Je begrijpt, voordat je dat allemaal hebt geïnventariseerd en kunt overgaan tot actie, ben je een tijdje verder. Bovendien vereist het doorlopen van die stappen nogal wat kennis.”

Risico’s CRM-stoffen aanpakken bij bron, dan pas PBM

Het wordt nog lastiger. Want zelfs als een werkgever de risico’s in kaart heeft gebracht, zelfs als hij maatregelen heeft genomen om ze aan te pakken, dan nog is hij mogelijk in overtreding. “Veel werkgevers hebben een voorkeur voor PBM”, zegt Martens. “Moeten je medewerkers stenen doormidden zagen en komt er dus kwartsstof vrij? Dan verstrekken ze die medewerkers een stofmasker. Vaak is dat het verkeerde masker, of past het niet, of wordt het niet gebruikt. Maar zelfs als het wel voldoet, is het niet de ideale oplossing. Het geeft geen volledige bescherming.”

Want volgens de arbeidshygiënische strategie moet de werkgever die risico’s aanpakken bij de bron. Bij die stenen dus. “In het ideale geval werk je met stenen die al zijn voorgezaagd “, zegt Martens. “Of die minder kwartsstof bevatten, bijvoorbeeld een andere steensoort. Als dat niet lukt, kijk je of je kunt voorkomen dat er stof in de lucht komt, bijvoorbeeld met afzuiging of waterspoeling. Pas als je al die opties niet kunt inzetten, zoek je je toevlucht in persoonlijke beschermingsmiddelen.”

CMR-stoffen

Veel CMR-stoffen zijn carcinogeen, andere zijn mutageen. In het eerste geval zorgt de stof alleen al voor een verhoogd risico, in het tweede geval kan het kanker verwekken in combinatie met andere stoffen. Sommige reprotoxische stoffen zijn schadelijk voor de vruchtbaarheid, andere vormen een risico voor de ontwikkeling van het ongeboren kind en leiden tot aangeboren afwijkingen. Weer andere stoffen zijn reprotoxisch omdat ze het kind schade kunnen toebrengen via borstvoeding.

Afzien van bronaanpak wegens kosten? In principe niet

De vraag is dan of de werkgever kan schermen met financiële argumenten. Mag hij afzien van een bronaanpak omdat die veel te duur is? In principe niet, zegt Martens. “Het gaat hier om uiterst gevaarlijke stoffen en zeker onder de nieuwe Arbowet wordt van de werkgever het uiterste verlangd. Maar je kunt je natuurlijk afvragen wat er gebeurt als een werkgever kan aantonen dat hij door zo’n dure oplossing failliet gaat. Dat is een probleem waar wij als inspectie regelmatig intern over brainstormen.”

Wat zijn geschikte én betaalbare bronoplossingen?

Hoe vindt een werkgever bronoplossingen die geschikt zijn én betaalbaar? Volgens Martens zijn er enkele opties. “Als we bij inspecties veel problemen zien in een bepaalde sector, bespreken we dat met de brancheorganisatie: ‘Wij zien hier een structureel knelpunt en we willen jullie leden niet over de kling jagen. Welke rol kunnen jullie hier in spelen?’ Bovendien kunnen werkgevers, in het geval van kwarts, informatie vinden in een Europese Guidance. Daarin is vastgelegd welke bronmaatregelen je in welk geval kunt treffen. Het grote voordeel voor de werkgever: als je hier gebruik van maakt, ben je ook niet opgezadeld met allerlei ingewikkelde blootstellingsbeoordelingen.”

Het kanaal van de producent naar de eindgebruiker is soms lang

Fabrikant moet risico’s CMR-stof vastleggen in VIB

Andere mogelijke ondersteuning komt van de fabrikant. Als die een CMR-stof produceert en op de markt zet, is hij verplicht om de risico’s vast te leggen in het zogenoemde veiligheidsinformatieblad (VIB). Dit lijkt door je oogharen bezien wel op een bijsluiter. “Het kanaal van de producent naar de eindgebruiker is soms erg lang”, zegt Martens. “Die producent fabriceert een bepaalde CMR-stof, de verfhandelaar verwerkt die in zijn verf, die verf gaat vervolgens naar de groothandel en komt dan aan bij het schildersbedrijf. Al die partijen kunnen in de VIB lezen om welke CMR-stoffen het precies gaat. En ook wat de risico’s zijn van de stof, hoe je die moet opslaan en wat je moet doen als je eraan wordt blootgesteld.”

Nieuwe tool van de Inspectie SZW: de VIB-check

Belangrijk dus die VIB’s. Vandaar dat de Inspectie SZW een nieuwe tool introduceerde: de VIB check. De naam zegt het al, hiermee kunnen werkgevers controleren of hun VIB voldoet. “Vertelt mijn veiligheidsinformatieblad inderdaad welke CMR-stoffen aanwezig zijn?”, zegt Martens. “En staat er ook in welke risico’s dat met zich meebrengt? Weet ik of mijn VIB up-to-date is – want als hij ouder is dan tien jaar, kun je hem weggooien. En het allerbelangrijkste: heeft de producent überhaupt een VIP meegeleverd? Ja, we denken dat het instrument vaak wordt gebruikt. Want enkele dagen na de introductie kregen we een paar telefoontjes van verfproducenten: ‘Kunnen jullie hier alsjeblieft mee ophouden? We worden helemaal plat gebeld’.”

Auteur | Peter Passenier

 

> Tip: volg de workshop van Diana Martens op de Praktijkdag RIE

> Meer stand van de techniek, meer goede voorbeelden? U vindt ze HIER.

image_pdf

Deel dit bericht via: