Home > RI&E > Wikken en wegen in een risicodialoog

Wikken en wegen in een risicodialoog

19-09-2016

serie_wikken en wegen_1_171124466

In een bedrijf of organisatie hebben risico’s een collectief karakter. Daar vraagt omgaan met risico’s om het delen van kennis en ervaring: wikken en wegen in een risicodialoog.

Want risico’s inventariseren en evalueren is voortdurend wikken en wegen. Over de inhoudelijke beoordeling van risico’s. En over de vraag hoe we het beoordelingsproces organiseren.

Hoe wikken en wegen we risico’s?

Risicoprofessionals staan anderen bij in het omgaan met risico’s. In dat ‘bijstaan’ en ‘omgaan met’ draait het om het beoordelen van fysieke, sociale of financiële risico’s. In elk risicodomein bestaan verschillende methoden om te komen tot een risico-evaluatie. In grote lijnen zijn er vier soorten aanpakken: het schatten van kansen en effecten, het vergelijken van risicokenmerken met normen, het toepassen van benchmarking en het in kaart brengen van risicobeleving.

In elk risicodomein bestaan verschillende methoden om te komen tot een risico-evaluatie

1. Berekenen of schatten van kansen en effecten
Het gestructureerd nadenken over kansen en effecten vormt de basis van de meest gebruikelijke manieren om risico’s te beoordelen. Sinds de introductie van de RI&E zijn deze benaderingen ongemeen populair. Het zijn in feite uitwerkingen van de populaire opvatting ‘risico is kans maal effect’. Maar naast kans en effect is nog een derde element van belang: scenario. Dat is een opeenvolging van gebeurtenissen die leidt tot een ongewenst effect. Het geselecteerde scenario heeft verstrekkende gevolgen en vormt de basis van elke risicoschatting.

2. Vergelijken van risicokenmerken met normen
Bij deze benadering brengen we ‘risico’ terug tot een kenmerk waarvoor we een norm kunnen hanteren. Zo’n kenmerk kan van alles zijn, mits er een plausibele relatie bestaat met het risico. Bijvoorbeeld een geluidniveau, uitgedrukt in dB(A). Of de hoeveelheid van een brandbare stof, uitgedrukt in kg. Maar ook het aanwezig zijn van een afscherming, nooduitgang, ventilatiesysteem of vertrouwenspersoon. Normen kunnen daarnaast betrekking hebben op administratieve aspecten, zoals een arbobeleid of een registratie van ongevallen.

3. Toepassen van benchmarking
Bij benchmarking vergelijken we een situatie met een andere situatie of met een ander risico dat we acceptabel vinden. We vinden bijvoorbeeld dat een risico aanvaardbaar is als een, in onze ogen, toonaangevend bedrijf in de branche het accepteert. Of we vinden een situatie aanvaardbaar als we dat in het dagelijkse leven ook zouden vinden. Een variant is het hanteren van de opvatting van een betrouwbare deskundige als benchmark. In dat geval gebruiken we expert judgement als een meetlat voor onze risicobeoordeling.

4. In kaart brengen van risicobeleving
Ten slotte is het mogelijk om de risicobeleving van betrokkenen te gebruiken in de risicobeoordeling. Niet alleen doet dit recht aan de ‘zachte kanten’ van risico, soms kunnen we niet anders. Want voor sommige risico’s is de grens tussen risico en risicobeleving flinterdun. Denk aan (ervaren) werkdruk, geweld en seksuele intimidatie.

Methode van risico-evaluatie gekozen? Dan zijn de worstelingen nog niet voorbij

Situationeel wikken en wegen

Sommige bedrijven en adviseurs hebben een uitgesproken voorkeur voor een bepaalde aanpak bij risicobeoordeling. Omdat die aanpak goed past bij het bedrijf of omdat ze recht willen doen aan de opvattingen en belevingen van mensen over risico’s. Een flexibele benadering volgen kan ook: kiezen voor een van de aanpakken, afhankelijk van de situatie en de risico’s. Noem het situationeel wikken en wegen. Welke aanpak we ook kiezen, geen daarvan leidt tot resultaten met een absolute betekenis. De uitkomsten geven structuur aan discussies over risico’s die kunnen leiden tot gedeelde opvattingen. Die discussies zijn voorbeelden van een ‘risicodialoog’ die een rol speelt in de ontwikkeling van de organisatiecultuur.

Blijvend wikken en wegen

Bij risicobeoordelingen heeft het wikken en wegen in de eerste plaats betrekking op de te volgen benadering: op de keuze tussen de vier genoemde manieren van risico-evaluatie. Maar als die keuze is gemaakt, zijn de worstelingen nog niet voorbij. Zij verplaatsen zich alleen naar een lager abstractieniveau. Wikken en wegen over risico’s is dus meer dan het wikken en wegen van risico’s. Het is wikken en wegen over wikken en wegen. ‘Het goede antwoord’ bestaat zelden bij discussies over risico’s. Maar een passende organisatie van de risicodialoog leidt wel tot een zorgvuldig antwoord.

 

 

> Dit is een samenvatting van het artikel ‘Discussies over risico’s’ van Walter Zwaard in de serie Wikken en wegen. Lees het volledige artikel in Vakblad Arbo 9-2016.

image_pdf

Deel dit bericht via: